Waterlands Archief - centrum voor regionaal historisch onderzoek

Waterlandsarchief

1612 - Perfecte proporties: De Beemster

Eigenhandige tekening van Jan Adriaansz. Leeghwater van Beemster watermolens, 1632 (Beeldbank WA)In 1607 begonnen Amsterdamse kooplieden met de droogmaking
van de Beemster. Zoiets was nog nooit vertoond. De Beemster was
7.100 hectare groot. Er waren tientallen watermolens nodig om het
meer droog te maken en te houden. 

Jan Adriaensz. Leeghwater vestigde zijn reputatie als polder-
deskundige tijdens dit werk. Maar hij was slechts een radertje in het
team van specialisten. Heel belangrijk waren ook landmeters als
Anthonis Metius, Gerrit en Dirk Langedijk en Lucas Sinck. In 1610
liep de Beemster na een doorbraak van de Waterlandse Zeedijk
weer vol water. Men gaf het echter niet op. In 1612 was de Beemster
droog. 

De inrichting van de polder was geïnspireerd op de Italiaanse architectuur. Overal zien we de perfecte proporties van de gulden snede. Het prachtige geometrische landschap leverde de Beemster in 1999 een plek op de werelderfgoedlijst van de UNESCO op. 

Het strakke kavelpatroon in de Beemster (Beeldbank WA)

Het succes van de Beemster was een grote stimulans. Na de Beemster volgden de Purmer (1622), Wijde Wormer (1626), Heerhugowaard (1630), Schermer (1635) en Starnmeer (1643). Ook tientallen kleinere meertjes werden omgezet in weiland. Alleen het Lange- of Alkmaardermeer bleef water.

< een venster terug             |             een venster verder >