Zwemmen in de regio Waterland

Afkoeling zoeken in het water, het is van alle tijden. Op de homepage  een bruisende foto  genomen bij de Purmerringvaart in 1990.
Een van de oudste afbeeldingen met zwemmende mensen in onze collectie is een tekening uit 1727, gemaakt door de destijds bekende topografisch-tekenaar Cornelis Pronk uit Amsterdam. Hij tekende de Hoornse Poort in Purmerend, ter hoogte van de huidige Hoornse brug bij het vroegere postkantoor en omgeving. Daarbij heeft hij ook een groepje zwemmers afgebeeld. Zo te zien zijn het mannen zonder badkleding. Misschien was het toen nog heel gewoon om naakt te zwemmen?

Uitsnede van de prent van Pronk, fotonummer WAT001020899.
Bekijk de gehele afbeelding in de beeldbank 

Zwemles bestond nog niet, maar in onze waterrijke streek was het natuurlijk belangrijk om te kunnen zwemmen. Het is aannemelijk dat in ieder geval een deel van de Waterlanders ook lang geleden de zwemkunst al machtig was.

Watervrees

De Joodse arts en latere hoogleraar Abraham Hartog Israëls (1822-1883), broer van de bekende kunstschilder Jozef Israëls, lanceerde in 1874 Hygieia, een weekblad voor gezondheidsleer 'voor het volk'. Daarin het artikel Noordhollandschen zindelijkheid (Lees het na in de Purmerender Courant van 29-07-1874, derde kolom). Israëls prijst daarin de reinheid van huizen en stallen, maar heeft kritiek op de persoonlijke hygiëne: 

"Kunt ge het begrijpen, waarde lezer, dat een groot deel der aan u geschetste bevolking, zoo zindelijk op kleeding, huisraad en woning (...), dat die bevolking toch niet onbelangrijk lijdende is aan eene treurige ziekte? En toch is het zoo. ’t Is niet anders, ’t hooge woord moet er uit. Zij lijden aan… watervrees!”

Volgens dr. Israëls hadden de Noord-Hollanders weinig op met lichamelijke hygiëne, met uitzondering dan van de meer beschaafde, ontwikkelde bevolking. De handen werden amper met zeep gewassen, om over de voeten en de rest van het lichaam nog maar te zwijgen, want "het is zoo bewerkelijk, en daarenboven zoo koud!"

Dr. Israëls vraagt zich af hoe het zit met de bad- en zweminrichtingen ten noorden van het IJ. Dat valt bitter tegen: "Purmerende, Edam en Monnickendam hebben voor zoover mij bekend is, geen de minste inrichting van dergelijken aard". Het tij zou keren, gelukkig.

Edam, 1881

In Edam werden in 1881 aan de Zeedijk simpele badhokjes beschikbaar gesteld voor baders in de Zuiderzee. Handdoeken en zwemkleding konden worden gehuurd; een bad kostte in die tijd één cent. De Maatschappij tot Nut van het Algemeen was de initiator en dat was niet vreemd; de Maatschappij was in 1784 in Edam opgericht en had een actief departement, zoals een afdeling werd genoemd. Van een succes was helaas geen sprake: de hokjes werden een jaar of zeven later weer verkocht.

Zo'n veertig jaar later was er sprake van twee zweminrichtingen aan de Zuiderzee. Eén voor de gegoede stand met groene badhokjes en één voor het volk met blauwe hokjes; uiteraard zwommen mannen en vrouwen gescheiden.

Op 7 juli 1933 werd het nog altijd bestaande Strandbad geopend. Men zwom niet langer in de Zuiderzee maar in het IJsselmeer, dat vanaf 1932 was afgedamd met de Afsluitdijk.

Het Strandbad trok heel wat publiek (fotonummer WAT001011147)

Purmerend, 1892

In 1880 dienden enkele Purmerenders, waaronder dokter J.J. Maats, een in die tijd door Purmerenders zeer gewaardeerd arts, een verzoek in bij de gemeenteraad voor een bad- en zweminrichting. De voorstanders waren in de meerderheid, maar er was ook tegenstand. Zo stelde de heer Lankelma: "Baden en zwemmen, ’t is eigenlijk allemaal gekkigheid, wij zelf zijn er ook wel zonder dat gekomen. ’t Is zelfs gevaarlijk te noemen. (…)  Enkel kunstenmakerij, anders niet."  De tijd was er duidelijk nog niet rijp voor. Maar toch werd in 1882 een particuliere badinrichting ingericht aan de Beemsterdijk, door onder andere dokter Maats. Het kleine gebouwtje aan de ringvaart met kleedruimtes en zwemtrap deed dienst tot 1890, waarna het werd verplaatst naar de Overwheerse Polder.

Zweminrichting aan de Beemsterdijk

In 1896 kwam er, onder auspiciën van de Noord-Hollandse vereniging Het Witte Kruis, afdeling Purmerend een bad- en zweminrichting aan de Beemsterdijk ter hoogte van de Trambrug (zie hier voor de vergunning verleend door het Hoogheemraadschap). Er werden in het kanaal drie bassins ingericht: een ondiep gedeelte voor jonge kinderen, een dieper bad voor de oudere jeugd en een bassin voor geoefende zwemmers. Uiteraard waren er badhokjes en een speciaal verblijf voor de toezichthouder. Zwembroeken en baddoeken konden worden gehuurd. Leden betaalden voor het hele zwemseizoen fl 2,50; niet-leden een gulden meer. Gemengd zwemmen was uit den boze.

Na het eerste seizoen werd geëvalueerd: er waren ruim 11.000 baden genomen, de bad commissie was uiterst tevreden met deze score. Echter, door vervuiling van het water in de omgeving van de brug taande de belangstelling en werd het bad in 1907 gesloten.

Klik op de afbeeldingen om ze in de beeldbank te bekijken.

Kennelijk was de sluiting toch niet definitief, want in 1916 is opnieuw sprake van een gemeentebadhuis (bad- en zweminrichting) in Purmerend. In een ingezonden brief in de krant klaagden ‘eenige sportliefhebbers’ over het feit dat het zwembad zonder opgaaf van redenen gesloten bleef op tijdstippen dat het eigenlijk open zou moeten zijn. Uit onvrede klommen zij toch naar binnen. Wat zij aantroffen was niet fraai: de badhokjes waren lange tijd niet schoongemaakt, en ook het zwemwater liet zeer te wensen over: men zwom niet in water maar in bagger. Ook hierover klaagden zij in hun brief aan de krant. Zie de Goedkoope Purmerender Courant van 30 augustus 1916  (link naar de Krantenbank, rechterkolom onderste helft).
Wellicht was de matige toestand waarin het zwembad verkeerde het gevolg van de grote watersnood die de regio eerder dat jaar getroffen had. De gemeente had meer en misschien dringender zaken te doen. Maar dat had zij dan minstens kenbaar kunnen maken aan het publiek. 

Monnickendam, 1930

Op zaterdag 7 juni 1930 werd aan de Kloosterdijk in Monnickendam een bad- en zweminrichting geopend. Hier zwom men in een afgeschermd gedeelte van de Zuiderzee. Onder grote belangstelling werd meteen een wedstrijd georganiseerd: honderd meter 'snelzwemmen vrije slag'. De snelheden tijdens de wedstrijd hadden veel te lijden onder de zware golfslag, veroorzaakt door de stevige noordenwind die recht op het badhuis stond (zie Goedkoope Purmerender Courant van 14 juni 1930, tweede kolom).
De Monnickendamse zwemvereniging ging voortvarend te werk en bood zwemlessen aan onder begeleiding van badmeester en instructeur Oud. Begin augustus werden al de eerste diploma’s uitgereikt. De kandidaten moesten 30 meter gekleed zwemmen, 60 meter borstslag en 60 meter 
rugslag afleggen. Onder hen de heer K. Karmelk die later, in 1939, in twee uur van Marken naar Monnickendam zwom, een afstand van ongeveer 5,5 kilometer. In die tijd een prestatie van formaat. 

Waterschrik en zwemles

Zolang kinderen niet konden zwemmen werden zij tot ver in de 20e eeuw bang gemaakt met de monsters zoals de krolleman die je zou proberen te pakken als je te dicht bij het water kwam. Andere in onze omgeving voorkomende namen waren krulleman, krolleboes, nekker of (n)ekkerman, bul of bulleketroet. De bangmakerij was begrijpelijk want hoeveel kinderen raakten bij het spelen niet te water en verdronken? Trouwens, niet alleen kinderen, ook verschillende volwassenen kwamen vroeger door verdrinking om het leven, maar dat terzijde.

Dat stukje bijgeloof/volkscultuur behoort inmiddels tot het verleden. Al in de jaren 1920 werden in verschillende plaatsen in Nederland bij wijze van proef zwemlessen voor schoolkinderen georganiseerd. In de jaren 1960 werd het bekende schoolzwemmen op grote schaal ingevoerd, al waren er ook veel ouders die zelf hun kinderen op zwemles deden.

Zwemles in Monnickendam, 1995 (fotonummer WAT003006229)

Een zwemles eind jaren 40

De in 1911 in Purmerend geboren schrijver Tom Bouws publiceerde in 1947 het jeugdboek Over verre weiden waarin hij het leven van kinderen in Purmerend en omgeving beschrijft. De jongens Geert, Siem en Waldi moeten op zwemles. De eerste instructie kregen zij in het gymlokaal aan de Nieuwe Gracht in de vorm van droogzwemmen, dat viel nog niet mee! Daarna volgde instructie ‘aan de hengel’ in het zwembad in het Noordhollands Kanaal, dat daar kennelijk toen nog steeds was. Toen ze de slag na enkele dagen onder de knie hadden volgde het zwemmen met behulp van een lijn. Ze schoven ook steeds verder op van bad. Ze begonnen in de ‘pierenbak’, gingen daarna naar het middenbad en eindigden als goede zwemmers in het diepste bad.

Wormer: Het Zwet, 1934

Op 12 mei 1934 werd openbare zwembad Het Zwet in Wormer feestelijk geopend (het Wormer- en Jisper Advertentieblad hierover). Het was, zoals gebruikelijk, een natuurzwembad; men zwom in een afgeschermd gedeelte van het meer De Zwet.

Klik op de afbeeldingen om ze te bekijken in de beeldbank.

Het feit dat er gemengd mocht worden gezwommen, gaf beroering onder het (grote) rooms-katholieke deel van de bevolking. In ca. 1937 werd daarom ook een katholiek zwembad gebouwd in het Zwet, met een apart basin voor dames en voor heren. Veel zegen rustte niet op het r.-k. bad. In de hongerwinter 1944-'45 was men op zoek naar hout en werd het r.-k. bad niet overgeslagen. Toen het in de zomer van 1967 ook nog eens grotendeels werd verwoest door een storm, betekende het het einde van het katholieke bad. 

Bouwtekening van het rooms-katholieke zweminrichting Het Zwet  (bekijk in de viewer)

Ook nu is er een openbaar zwembad gelegen aan het Zwet in de Wormer, maar deze opvolger van het natuurzwembad is een modern openluchtzwembad.

Natuurbad Wijdewormer, 1948-1987

In 1948 opende boer Prins op zijn land een natuurzwembad in de Wormerplas of het Wormergat, een door bronnen gevoede plas in de zuidoosthoek van de Wijdewormer. Hij ontving subsidie van de gemeente Wijdewormer voor de aanleg van een pad en wat badhokjes. Het bad werd in korte tijd een groot succes. In 1956 werd het door de samenwerkende Zaangemeenten uitgebreid en officieel heropend als Stichting Natuurbad Wijdewormer. Maar de nieuwe opzet bleek te groot; het bad was bij lange na niet rendabel en werd in 1987 gesloten. Lees meer in de inleiding op het archief, onder Context/Institutionele geschiedenis / Biografie.

Het natuurbad vanuit de lucht (fotonummer WAT001013944)

Wilgenhoek, Zuidoostbeemster, 1955-2011

In 1955 werd aan het Noorderpad in Zuidoostbeemster buitenbad De Wilgenhoek geopend. Hiermee werd gebroken met de natuurbaden, en kon worden gezwommen in bassins met leidingwater. Ondanks de locatie in de Beemster waren ook de gemeenten Purmerend, Kwadijk en Middelie betrokken bij de totstandkoming van het bad. Dat was dan ook de reden dat op de openingsdag 16 juli 1955 de openingshandeling middels een duik door vier meisjes: Guus Beuse (12 jaar uit Purmerend), Marian Boom (14 jaar Beemster), Ita Garms (14 jaar uit Kwadijk) en Alie Has (12 jaar uit Middelie) werd verricht. Het complex bestond uit een groot, diep bassin, een instructiebad en een kleuterbad. Jarenlang werd gesport en gerecreëerd in het bad. Ook voor zwemles, zowel door school als op particulier initiatief werd veel gebruik gemaakt van het bad. In 1959 bijvoorbeeld, haalden 220 kinderen uit Purmerend en omgeving er een zwemdiploma (A of B), ze worden met naam én woonplaats in de NNC genoemd. De verslaggever vond het een prachtige score maar maakte de kritische noot dat ouders dit voorbeeld moesten volgen… In 1974 werd het bad uitgebreid met een twee binnenbaden. In 1990 werd het openluchtbad gesloten omdat de bezoekersaantallen steeds verder terug liepen, o.a. door de populariteit van recreatiegebied Het Twiske; het binnenbad werd toen gemoderniseerd. Lees meer over de heropening in 1991 (Binnendijks, 2 oktober 1991).
Uiteindelijk werd het binnenbad gesloten, raakte in verval en na een brand in juni 2011 kwam door sloop een einde aan het tijdperk Wilgenhoek.

Landsmeer, Openluchtbad De Breek, 1959

In 1959 werd het openluchtzwembad De Breek aan de Kerkebreek in Landsmeer geopend, in samenwerking met de gemeente Amsterdam, Ilpendam en Oostzaan. Het werd meerdere malen verbouwd en uitgebreid, en is nog altijd in gebruik.

 

Leeghwaterbad, 2005

Het in december 2005 geopende Leeghwaterbad in de Purmer was min of meer de vervanger voor de Wilgenhoek; in dit bad wordt inmiddels al weer jarenlang door tallozen genoten van sporten en recreëren. 'Tropische' zwemparadijzen en andere zwemgelegenheden zijn er meer in de regio, zoek ze op op zwemindex.nl

Zwemmen in open water, van alle tijden

Zwemmen in open water is nog steeds populair, en wordt (sinds corona) misschien wel steeds populairder. Wie met mooi weer een rondje maakt door de stad en omgeving, zal met name jongeren op verschillende plaatsen een verfrissende of speelse duik zien nemen, bijvoorbeeld in de Purmer- en de Beemsterringvaart. Hier en daar zijn voorzieningen gecreëerd zoals trapjes en steigertjes. Lag vroeger de verdrinkingsdood op de loer, tegenwoordig kun je je aardig blesseren in het water aan afval zoals glas en ijzer. Desondanks wordt er nog steeds veel gezwommen in open water. En als je goed oplet, waarom dan ook niet? Misschien bekijken onze nazaten over een paar honderd jaar wel afbeeldingen van zwemmers in een van de ringvaarten of in het IJsselmeer, zoals wij net inzoomden op de prent van Cornelis Pronk. 

Verder zoeken in onze bronnen: 

Archieven van/archiefstukken over zwembaden, bewaard door het Waterlands Archief.
Foto's van zwemmen en zwembaden in onze beeldbank, filter eventueel op plaats.
Onze kranten over de zwembaden, filter eventueel op krant en/of jaar.