Eens in de vier jaar jarig
29 Februari is een bijzondere dag om jarig te zijn; je verjaardag komt maar een keer in de vier jaar voor! Het is een schrikkeldag.
De naam schrikkeldag/jaar komt van Schrikkelen, dat springen of verspringen betekent. Een schrikkeljaar is een kalenderjaar met 366 dagen in plaats van 365. Deze extra dag, een schrikkeldag, wordt ingevoerd omdat een kalenderjaar van 365 dagen ongeveer 6 uur korter duurt dan dat de aarde erover doet om een 'rondje om de zon' te draaien. Om te voorkomen dat de seizoenen te veel gaan verschuiven, wordt elke 4 jaar een correctie toegepast, en krijgt februari 29 in plaats van 28 dagen. Je zal maar net op die dag geboren worden!
Purmerend, stad van schrikkeljarigen
Purmerend heeft iets met het schrikkeljaar: hier was het Nationaal Comité Schrikkeljarigen gevestigd. Toen Purmerend in 1960 (een schrikkeljaar!) met de Purmerender Stadsfeesten vierde dat de stad 550 jaar bestond, en het in de marktstad bruiste van de activiteiten, wilde men in de stad ook iets voor schrikkeljarigen doen. De Purmerendse VVV riep Purmerend uit tot Schrikkeljarigenstad en organiseerde een reünie voor iedereen in het land die op 29 februari geboren was, en dus schrikkeljarig was.
Er werd een speciaal comité opgericht met als secretaris de gemeentesecretaris van Purmerend, de heer A.Th.L. van der Land. Het comité werd een onderafdeling van de VVV. In het Waterlands Archief is het archief van dit Nationaal Comité Schrikkeljarigen te raadplegen. Daaruit blijkt dat het comité met name tot en met 1972 actief is geweest. Op basis van dit archief en krantenartikelen kunnen we ons een goed beeld vormen wat het Comité tot stand heeft gebracht.
De reünie van 1960
Er werd tweemaal een reünie van schrikkeljarigen georganiseerd. De eerste was in 1960 en was zeer succesvol. Niet zo verwonderlijk want de stadsfeesten in het algemeen en de reünie in het bijzonder kregen de nodige aandacht in de media, onder andere in het NCRV televisieprogramma Scherzo van presentator Jelle de Vries. Een van de organisatoren van de Schrikkeljarigen-reünie, de heer Max Haringman, had twee schrikkeljarig meegebracht: een broer en zus die allebei waren geboren op schrikkeldag, maar in verschillende schrikkeljaren. Ook verschillende buitenlandse persbureaus pakten het nieuws op. Uit reacties bleek dat het evenement in een behoefte voorzag.
De reünie die werd gehouden op 12 juli 1960 in Purmerend werd bezocht door zo’n 300 deelnemers. De oudste deelnemer was een op schrikkeldag geboren vrouw van 92 jaar; de jongste een pas geboren baby. De deelnemers kwamen uit het hele land. Er waren zelfs enkele bezoekers uit het buitenland, namelijk uit Engeland, België en Duitsland.
De reünie maakte gebruik van allerlei faciliteiten die voor de stadsfeesten waren ingericht, zoals een versierde feestzaal mét muziek. De eerder genoemde Max Haringman schreef voor de gelegenheid de Schrikkeljarigenmars, die toen werd gespeeld. Er was een expositie van de honderden geboortekaartjes die vooraf waren ingestuurd.
Getuigenissen
Er waren deelnemers die aangaven in hun jeugd geplaagd te zijn met het feit dat ze eigenlijk maar eenmaal per vier jaar hun verjaardag konden vieren. Iemand vertelde dat hij op de lagere school was gepest omdat hij drie van de vier jaren toch niet echt jarig was… Schrijnend was ook het verhaal van een vrouw uit een groot gezin die vertelde dat haar verjaardag soms bijna werd overgeslagen om het op een andere dag te vieren. Andere grapjes die verschillende schrikkeljarigen ten deel vielen, waren bijvoorbeeld die bij de uitreiking van een nieuw paspoort; de ambtenaar maakte steevast een grap over de bijzondere geboortedatum.
De internationale reünie van 1964
Op 27 juni 1964 werd opnieuw een reünie van Schrikkeljarigen in Purmerend georganiseerd, die het predicaat Internationaal kreeg. Ook toen kon worden gesproken van een geslaagd evenement met deelnemers uit het hele land en zelfs uit het buitenland. De bezoekers werden ontvangen in het Herenlogement en verwelkomd door burgemeester R. Kooiman namens het gemeentebestuur. Aansluitend was een broodmaaltijd; de voorzitter van het schrikkeljarigencomité, de heer Hellenberg Hubar uit Tilburg (vader van een schrikkeltweeling) sprak de aanwezigen toe. ’s Middags was er een excursie per bus door de Beemster en de Eilandspolder, langs de Schermermolens, Grootschermer, Graft en De Rijp. Er werd koffie gedronken in het Herenhuis in Middenbeemster waar Cor Booy over Leeghwater vertelde. Na terugkomst in Purmerend kon men borrelen en napraten en plannen maken voor 1968. Maar het bleef uiteindelijk bij het maken van plannen want er kwam geen reünie in 1968: de kosten waren te hoog, er kon geen sponsor worden gevonden. In 1971 werd geopperd om in 1972 op herhaling te gaan, maar ook toen kwamen de financiën niet rond. Het zou blijven bij de herinnering aan twee prachtige reünies.
Register van Schrikkeljarigen
Naast de organisatie van de twee reünies legde het comité een register aan waarin de Schrikkeljarigen werden opgenomen. Wie zich als schrikkeljarige aanmeldde, ontving een bewijs van inschrijving en een herdenkingslepeltje. Het comité liet namelijk speciaal voor de reünie in 1960 verzilverde lepeltjes maken met daarop het stadswapen van Purmerend en de datum 29-02-1960. De lepeltjes werden gemaakt door N.V. Zilverstad.
De actie werd een succes en werd in latere schrikkeljaren herhaald, gesponsord door de Purmerender Middenstands Centrale.
Dozen vol geboortekaartjes
Om opgenomen te kunnen worden in het Register van Schrikkeljarigen moest er een bewijs worden gestuurd naar het comité. En die kwamen er op grote schaal. De Purmerender postbodes bezorgden ieder schrikkeljaar honderden geboortekaartjes, geboortebewijzen en andere bewijzen van geboortes bij het comité op de Kaasmarkt.
Een inwoner van Tilburg bijvoorbeeld, stuurde een briefje met stempel van de gemeentesecretaris en schreef: ‘Daar ik geen geboortekaartjes heb laten drukken, omdat het ’t zevende kind al is, laat ik het u maar per brief weten, dat ik een zoon heb gekregen op zaterdag 29 februari ’s avonds om kwart over elf’.
Het is niet bekend of ál die bewijzen uiteindelijk bewaard zijn gebleven, maar in het genoemde archief vinden we aardig wat ‘stukken’ op dit gebied. Met name de geboortekaartjes vormen een bijzondere verzameling. Er zijn albums aangelegd met kaartjes ontvangen in 1960, 1964, 1968 en 1972. Ook er zijn kaartjes uit veel eerdere schrikkeljaren, van mensen die toch ook graag opgenomen wilden worden in dit bijzondere register. Het oudste kaartje is uit 1908!
Uit het hele land en zelfs uit het buitenland werden geboortekaartjes bezorgd in Purmerend. Het archief van het comité bevat albums met honderden kaartjes van schrikkeljarigen, een lust voor het oog!
Een zo'n geboortekaartje is van Joanne, dochter van Nederlandse emigranten, geboren op 29 februari 1960 in het Canadese Stratfort. Bij het kaartje, ‘Babyland Express’, deed de moeder een briefje waarin zij verzocht om een certificaat voor het meisje in het Engels, ‘daar zij zelf het Holl. wel nooit meer correct zal leren beheersen. We zijn n.l. al genaturaliseerd dus Canadezen’.
Het was niet de enige migrantenbaby die op 29 februari 1960 werd geboren in Canada. Ook in Scarborough, Ontario (Canada) kwam de baby Glenn Vandersteen ter wereld, met ouders van Nederlandse afkomst. Ook hij kreeg een lepeltje toegezonden. In 1964 moest er naar dezelfde familie nogmaals een lepeltje worden gestuurd, want op schrikkeldag dat jaar kreeg het echtpaar een dochter: Maureen. Hoe bijzonder is dat, twee kinderen geboren op schrikkeldag in hetzelfde gezin!
Migranten uit Australië hadden van het initiatief gehoord op Radio Nederland en stuurden een briefje met de melding dat zij 29 februari 1960 een tweeling hadden gekregen: 2 meisjes. De ingesloten dokterverklaring werd als bewijs meegezonden, al moeten we gissen naar de namen van de zusjes, want die werden niet vermeld. En uit Nieuw-Guinea kwam het bericht dat Alle Johan daar was geboren.
Niet alleen uit het buitenland, ook uit eigen land kwamen bijzondere kaartjes binnen. In zowel Rotterdam als Delfzijl werd 29 februari 1964 een tweeling geboren en in Utrecht een jongetje waarvan de moeder ook op schrikkeldag was geboren. In het archief zitten ook enkele schrijnende aanmeldingen. Uit Rotterdam bijvoorbeeld, schreef een verloskundige namens een arme familie, ‘die geen geboortekaartjes hebben laten drukken’ dat zij had geholpen bij de geboorte van hun zoontje. Er kwamen ook ludieke kaartjes binnen, o.a. van een veehouder uit IJzendijke (Zeeland) die meldde dat op 29 februari twee kalfjes waren geboren. Uit Purmerland kwam een kaartje van een schapen-tweeling, Wolletje en Wolletje!
Verzamelaars
Sommige verzamelaars van geboortekaartjes kregen ook lucht van de enorme hoeveelheden die naar Purmerend werden gestuurd. Dat bracht hen op het idee te vragen of zij de kaartjes in hun verzameling op mochten nemen. Maar dat stond het comité terecht niet toe, de kaartjes bleven in Purmerend en werden gearchiveerd. En gelukkig maar, want de bewaard gebleven verzameling is dus te bekijken bij het Waterlands Archief. De collectie kaartjes is echt het bekijken waard. In de opeenvolgende albums zijn modetrends duidelijk waar te nemen. Er zit van alles tussen: kaartjes met een kanten randje, kaartjes met een roze of blauw strikje, kaartjes met een door Anton Pieck ontworpen afbeelding, zelf ontworpen kaartjes, traditionele kaartjes, hippe kaartjes, kortom, noem het maar op. U bent welkom in de studiezaal om het archief in te zien. Maak wel eerst even een afspraak via ons e-mailadres:
Naar de inventaris van het archief 0362

Op de Schrikkeljarigenreünie: de jongste en de oudste schrikkeljarige met de burgemeester van van Purmerend, 1960.
