Carte de Visite en kabinetkaarten
Ze passen in een handpalm of verdwijnen bijna onder een stapel papier, maar samen vertellen ze kleine en grote verhalen. In de negentiende eeuw werden de carte de visite en later de grotere kabinetkaart ongekend populair. Kleine en grotere portretfoto’s op stevig karton, bedoeld om uit te wisselen, te verzamelen en te bewaren. Wat begon als een technische vernieuwing groeide uit tot een sociaal fenomeen.
In de collectie van het Waterlands Archief bevinden zich talloze cartes de visite, kabinetkaarten en albums van inwoners uit de regio. Mannen in donkere jasjes met een ernstige blik. Vrouwen in zorgvuldig gekozen kleding, soms voorzien van sieraden, handschoenen of kanten kragen en kinderen die voor het eerst op de foto mochten. Families die zichzelf wilden laten vastleggen voor toekomstige generaties. De foto’s laten niet alleen gezichten zien, maar ook hoe mensen gezien wilden worden.
Toegankelijker voor een breder publiek
Vanaf ongeveer 1865 werd fotografie steeds toegankelijker. Voor die tijd was een portret vooral weggelegd voor welgestelde families die zich konden laten schilderen. Dankzij nieuwe fotografische technieken konden fotografen meerdere afdrukken tegelijk maken. Hierdoor werden portretfoto’s goedkoper en bereikbaar voor een groter publiek. De carte de visite werd al snel een geliefd formaat: klein genoeg om mee te geven aan familie en vrienden, maar groot genoeg om een heel persoon vast te leggen.
De foto’s werden verzameld in speciale albums die in veel huiskamers te vinden waren. Familieleden, vrienden en soms zelfs bekende personen kregen een plek tussen de pagina’s. Het verzamelen van portretten werd een populaire bezigheid. Mensen bouwden als het ware hun eigen visuele netwerk op — een negentiende-eeuwse voorloper van het fotoalbum of sociale media van nu.
Determineren aan de hand van details
Vanaf de jaren 1870 verscheen daarnaast de kabinetkaart. Deze was groter dan de carte de visite en bood fotografen meer mogelijkheden voor uitgebreide poses en decoratieve studio-opstellingen. Kabinetkaarten werden vaak gebruikt voor officiële familieportretten of bijzondere gelegenheden, zoals huwelijken of jubilea. Door het grotere formaat zijn details in kleding, kapsels en attributen vaak beter zichtbaar. Ook de kartonnen ondergrond werd steeds luxer uitgevoerd, soms met goudopdruk, reliëfletters of fraai afgewerkte randen.
Voor onderzoekers en verzamelaars zijn juist die details vaak van grote waarde. Het dateren van cartes de visite en kabinetkaarten kan soms een puzzel zijn, maar verschillende kenmerken helpen daarbij. Zo hadden vroege kabinetkaarten meestal rechte randen en scherpe hoeken. Vanaf ongeveer 1870 werden de lijnen zachter en tegen het einde van de negentiende eeuw kwamen afgeronde hoeken steeds vaker voor.
Daarnaast geven kleding en kapsels belangrijke aanwijzingen over de periode waarin een foto is gemaakt. De mode veranderde in de negentiende en vroege twintigste eeuw snel. Jurken, kragen, mouwen, hoeden en snorren helpen daarom vaak om een portret nauwkeuriger te dateren. Een zorgvuldig geklede dame met een hooggesloten jurk of een man met een karakteristieke snor vertelt ongemerkt veel over haar of zijn tijd.
Ook de achterkant van de kaarten vertelt veel over de tijd waarin zij zijn gemaakt. De oudste exemplaren hebben vaak een eenvoudige achterzijde met alleen de naam van de fotograaf. Later werden de ontwerpen steeds uitbundiger. Fotografen voegden sierlijke Victoriaanse logo’s toe, decoratieve letters, onderscheidingen en reclameachtige elementen om hun studio aantrekkelijker te maken. Daarmee zijn de kaarten niet alleen portretten, maar ook voorbeelden van negentiende -eeuwse vormgeving en drukwerk.
Ontwikkelingen in de regio
Zo geven de cartes de visite en kabinetkaarten ook inzicht in de ontwikkeling van de fotografie in regio Waterland. Fotografen vestigden zich onder andere in Purmerend en Edam, waar zij inwoners vastlegden in een tijd van verandering en groei.
Een bezoek aan de fotograaf was in die tijd een bijzondere gebeurtenis. Mensen trokken hun beste kleding aan en poseerden zorgvuldig in een studio met geschilderde achtergronden, zuilen, meubels of zware gordijnen. Stilzitten was noodzakelijk, omdat de belichtingstijd relatief lang was. Juist daardoor stralen veel van deze portretten een bijzondere rust en aandacht uit.
Wat deze portretten vandaag zo bijzonder maakt, is de directe ontmoeting met mensen uit het verleden. De geportretteerden kijken ons aan over een afstand van meer dan honderd jaar. Sommigen zelfverzekerd, anderen wat gespannen of nieuwsgierig. Achter iedere foto schuilt een leven: een familie, een beroep, een dorp, een herinnering. Soms weten we precies wie iemand was, soms blijft alleen het gezicht bewaard.